Rutger Groot Wassink (52) wil graag afspreken in zijn lievelingsrestaurant in de Staatsliedenbuurt, de wijk aan de westkant van Amsterdam waar hij al tientallen jaren woont, en waar zijn carrière als stadspoliticus begon.
Twintig jaar geleden kwam hij in stadsdeelraad Westerpark. Vanaf 2014 zat hij in de Stopera. Eerst in de gemeenteraad als fractievoorzitter van Groen-Links, de laatste acht jaar als wethouder van onder meer sociale zaken, asiel en opvang. Afgelopen juni ging Groot Wassink met politiek pensioen, een besluit dat hij een jaar eerder aankondigde. Hij komt aangewandeld met swag. Hip hemd, coole gympen, om zijn nek een draadloze koptelefoon die hij tegenwoordig bijna uitsluitend gebruikt voor hiphop – is-ie gek op – en voor podcasts over geschiedenis, het vakgebied dat hem van kleins af aan bezighoudt.
Loop je anders door de stad nu je geen wethouder meer bent?
‘Nee, daarvoor ben ik te kort weg uit de Stopera. Het voelt nog als een soort vakantie. Maar ik merk wel dat de beroepsdeformatie langzamerhand uit mijn systeem verdwijnt. Als wethouder was ik gewend ’s morgens de krant te pakken en meteen te denken: wat staat er allemaal in waar ik iets mee moet? Dat heb ik nu niet. En even geen politieke podcasts meer. Alleen historische verhalen. Ik luisterde net een aflevering van The Rest is History. Heel fijn.’
Dus, ik noem maar wat, de bekendmaking door het kabinet van de namen van Spreidingswet-weigergemeenten is langs je heengegaan?
‘Die namen heb ik niet allemaal scherp, nee. Maar ik vind er natuurlijk wel wat van.’
Wat dan?
‘In de eerste plaats zou de Spreidingswet natuurlijk niet nodig moeten zijn. In 2016 kwamen door de burgeroorlog in Syrië best veel mensen naar Nederland. We hadden toen genoeg capaciteit om ze op te vangen. Niemand sliep buiten in Ter Apel. Daarna is het aantal opvanglocaties pijlsnel afgeschaald. Terwijl de rekensom bijna kinderlijk simpel is door de vrij stabiele instroom die we al jaren hebben: x aantal vaste voorraad plus y reservevoorraad en daar bovenop z aantal noodmaatregelen. We zijn onder de vaste voorraad gaan zitten toen de instroom een tijdje terugliep. Dat hadden we nooit moeten doen, want die instroom neemt altijd weer een keer toe. En kom niet aanzetten met ‘ja maar leegstand’, want we kunnen daar gewoon studenten huisvesten.’
Nu hij er toch is, en blijft: zie je ook voordelen van de Spreidingswet?
‘Voor de invoering van de Spreidingswet zag je dat de meeste opvanglocaties in het noordoosten van het land lagen, en zeker niet altijd in de welvarendste gemeenten. Dat elke gemeente naar draagkracht een bijdrage moet leveren, vind ik de charme van de wet. Dat sommigen zich vervolgens niet aan de wet houden, is natuurlijk bespottelijk. Dat heeft alles te maken met een overheid die niet glashelder uitstraalt dat er consequenties zitten aan weigering. Een wet moet absoluut zijn en voor iedereen gelden. Democratische besluitvorming is geen keuzemenu. Het blijft natuurlijk bizar dat Erik van der Burg zich als staatssecretaris ontzettend voor de wet heeft ingezet terwijl zijn eigen VVD diezelfde wet langs alle kanten ondermijnt. Dat soort gedrag blijft niet zonder gevolgen. Een niet-normerend landsbestuur leidt tot een steeds moeilijker te besturen land. En daar heeft niemand wat aan.’
Rutger Groot Wassink
Geboren op 5 juli 1974 in Doetinchem
1994 – 1999 Ruslandkunde en daarna Geschiedenis aan de Universiteit Utrecht
1999 – 2004 Verschillende partijfuncties bij GroenLinks
2004 – 2009 Beleidsmedewerker FNV
2006 – 2010 Stadsdeelraadslid en fractievoorzitter GroenLinks in Westerpark (Amsterdam)
2010 – 2014 Stadsdeelraadslid Amsterdam-West, deels als fractievoorzitter
2014 – 2018 Gemeenteraadslid Amsterdam en fractievoorzitter GroenLinks Amsterdam
2018 – 2022 Wethouder met o.a. portefeuilles Sociale Zaken, Diversiteit, Democratisering, Bedrijfsvoering en Vluchtelingenbeleid
2022 – 2024 Lid van het algemeen bestuur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2022 – 2026 Wethouder met o.a. portefeuilles Sociale Zaken, Volkshuisvesting, Onderwijs, Emancipatie, Opvang, Inburgering en Monumentaal Erfgoed
Onlangs was je afscheidsfeestje in de gemeenteraad. Hoe was dat?
‘Emotioneel maar ook goed, want ik vind het tijd voor iets anders.’
Tranen?
‘Nee, nee. Maar het raakt je uiteraard, na twaalf jaar intensief samenwerken met raadsleden, de burgemeester en met directe collega’s binnen je portefeuilles. Je ziet die mensen vaker dan je partner en je kinderen, bij wijze van spreken. Als dat abrupt stopt, ook als het je eigen beslissing is, voel je daar van alles bij.’
Ook omdat de stad nooit af is?
‘Nee, zo is het niet. Ik zei vaak in de gemeenteraad: uiteindelijk is vrijwel alles wat wij doen suboptimaal. Als je je daar niet mee kunt verenigen, moet je een andere baan zoeken. Dit werk is complex en te weerbarstig. Je kunt niet denken: ik fix het allemaal wel even. Uiteindelijk draait besturen om het verdelen van schaarste. Daar leg je zelf accenten in, je maakt er afspraken over, maar dat is nooit af, tuurlijk. Dat weetje van tevoren. Laat ik het zo zeggen: ik beschouw het als een voorrecht dat ik acht jaar de mogelijkheid heb gekregen iets te betekenen voor de stad, door bij te dragen aan oplossingen voor maatschappelijke problemen die er al waren toen ik aantrad en die er altijd zullen zijn, zo niet deze dan andere.’
Noem eens iets waaraan je trots ontleent?
‘Het eerste dat in me opkomt is dat we in Amsterdam de afgelopen jaren veel hebben geïnvesteerd in de bestrijding van dak- en thuisloosheid.’
Maar dat probleem is toch alleen maar ernstiger geworden?
‘Zeker, maar we hebben toch echt veel meer mensen opgevangen en meer woningen ter beschikking gesteld. Amsterdam is zo ongeveer bouwkampioen van het land, ook voor sociale huur. In 2025 zijn er 1826 sociale huurwoningen bijgekomen. Dat is best veel, maar gezien de vraag volstrekt onvoldoende.Dat heeft alles te maken met de verstoorde woningmarkt. Dakloosheid los je niet op zonder de woningnood te bestrijden. En dat kun je als stad nooit alleen.’
Heeft Amsterdam daarin een voorbeeldfunctie?
Hij grijnst. ‘In een heleboel dossiers hebben wij dat. Alleen, je hebt pas echt een voorbeeldfunctie als het voorbeeld elders wordt gevolgd.’
Wat zou je fundamenteel anders willen zien op basis van eengoed voorbeeld in de stad?
‘Er is van alles en nog wat waarvan ik denk: god, dat had ik graag willen verbeteren. Als ik het algemeen stel, zou het op tal van dossiers interessant zijn om beter te kijken naar kortetermijnkosten die op de lange termijn kostenbesparend zijn. De Nederlandse politiek is daar niet goed in.
‘Een voorbeeld. Wouter Koolmees kwam in 2019 als minister van Sociale Zaken op bezoek bij ons om zich te laten voorlichten over onze aanpak om statushouders aan het werk te helpen. Statushouders vallen onder de Participatiewet. Dat wil zeggen dat het aan gemeentes is om ze te helpen bij het vinden van een baan. Alleen, de reïntegratiemiddelen – die horen bij de wet, anders kun je daar weinig mee – zijn door de Rijksoverheid in tien jaar tijd voor driekwart wegbezuinigd.
‘In Amsterdam hebben we gelukkig al tien jaar een eigen aanpak die uit eigen middelen wordt betaald, met als doel 50 procent van de statushouders binnen drie jaar duurzaam aan het werk te hebben. We hebben succes met die aanpak. In de eerste plaats is dat ontzettend fijn voor de mensen, maar het is ook fijn voor stad en land; je kunt er elke maatschappelijke kostenbatenanalyse op loslaten om aan te tonen dat elke geïnvesteerde euro rendement heeft.
‘Ik legde die aanpak uit aan Koolmees en stelde een uitbreiding voor: jij geeft mij als gemeente voor drie jaar uitkeringsgeld, maak je gewoon in één keer naar mij over. Wij mogen dat geld dan vrij in die mensen investeren, en dan garandeer ik jou hier en nu dat ze op lange termijn uit de bijstand blijven. Dat zou de staat enorm veel geld besparen.’
‘Een heleboel dingen zijn nu nodeloos ingewikkeld’
Zo gezegd, zo gedaan?
‘Nee. Dat komt voor een aanzienlijk deel omdat dit soort plannen de tijdspanne van verkiezingen overstijgen. Ik heb collega’s in Den Haag vaak uitgedaagd om plannen voor de lange termijn uit te rekenen, maar dat leidde bij hen zelden of nooit tot een koerswijziging. Uit angst voor politiek verlies. Stemmen. Dat kon mij wel frustreren, ja. En nog steeds, als ik bijvoorbeeld denk aan dat afschalen van opvangcapaciteit, waardoor de Rijksoverheid nu extreem dure opvanglocaties moet huren waar bijvoorbeeld Van der Valk garen bij spint.’
En die boot die in het westelijk havengebied wordt gehuurd om 1500 immigranten met een vluchtachtergrond te huisvesten, zal ook niet goedkoop zijn.
‘Nee, en zo wordt er aan alle kanten geld uitgegeven wat niet nodig was geweest zonder die onzinnige afschaling. De bottomline is dat de rust om dingen goed te doordenken, vaak ontbreekt. Ik weet nog dat ik een discussie had met Hugo de Jonge en Eric van der Burg, voordat die boot geregeld was. De Jonge zei: ‘‘Als je niet luistert, dan koop ik een hotel.’’ Ik zei: ‘‘Joh, lekker doen, koop een hotel voor mij, vangen we daar 1500 mensen op.’’ Gebeurde dan natuurlijk toch weer niet. Jammer, hadden we het maar gedaan – waren we nu goedkoper uit geweest.’
Ging dit vroeger beter, toen links nog meeregeerde?
‘Weet ik niet, maar het is ook heeeeeel lang geleden dat links geregeerd heeft. Ik denk wel dat een heleboel dingen nu nodeloos ingewikkeld zijn. Vooral voor de mensen die het minste hebben. Voor hen hebben we de regels de afgelopen jaren te moeilijk gemaakt. Als je kijkt naar wat mensen aan papierwerk moeten meebrengen om zelfs maar de kleinste dingen te regelen, dat is niet normaal. Wat ik daaraan vooral stuitend vind, is dat er ontzettend veel low trust in gestold zit.’
Jij hebt het minder dus we moeten jou controleren, want we zouden eens een euro te veel aan jou uitgeven?
‘Ja, daar zit een enorme fixatie op. Ik merkte dat bijvoorbeeld toen ik de Sociale Zaken-collega’s in Den Haag voorstelde om eens te kijken wat er zou gebeuren als je bij uitkeringsaanvragen niets meer controleert. Gewoon die uitkering automatisch toekennen: als je erom vraagt, krijg je hem. En vervolgens alleen random steekproeven nemen, met uiteraard wel de duidelijke boodschap dat áls je wordt gepakt op fraude, je ook echt ontzettend aan de beurt bent. Volgens mij zou dat prima werken.’
‘Uit onderzoek blijkt namelijk dat ongeveer 5 procent van de mensen geneigd is ergens misbruik van te maken. Meer niet. Maar we baseren het hele uitkerings- en toeslagenbeleid op die 5 procent. De 95 procent van de bevolking die zich gewoon aan de regels houdt, slepen we daarin mee.’
‘Ik heb ook altijd gezegd: laat mensen met een uitkering veel vrijer in bijverdienen, zonder allerlei berekeningen tot op de euro. Dat is gewoon common sense. Als iemand met een uitkering erin slaagt een behoorlijk bedrag bij te verdienen, hoe groot is dan de kans dat iemand uiteindelijk helemaal aan het werk gaat, zonder uitkering? Vrij groot, denk ik. Neeeee, zeggen de wantrouwers dan, zo kan-ie lekker van twee walletjes blijven eten. Daar geloof ik niks van. Het is vooral de wantrouwige houding van de overheid die tot allerlei rare uitwassen leidt.’
‘Een meerderheidskabinet van D66, PRO, CDA en VVD was zo ontzettend het allerbeste geweest voor het land’
Wat vind je tot nu toe van Jetten I?
‘Ik voelde de positieve vibe van Jetten wel in het begin, maar de echte doorbra- ken moeten nog komen, en ik betwijfel of dat gaat gebeuren. Ik begrijp de blokkade van de VVD tegen PRO heeft opgeworpen gewoon niet. In Amsterdam hebben VVD, GroenLinks en de PvdA altijd prima samengewerkt. Dat weet Dilan ook. Een meerderheidskabinet D66, PRO, CDA en VVD was zo ontzettend het allerbeste geweest voor het land. Dan stond er nu een goed en stabiel blok, dat zoveel had kunnen bereiken, ook voor de lange termijn. In plaats daarvan hebben we nu een minderheidskabinet dat de hele tijd op zoek is naar steun. Onderaan de streep leidt dat tot stilstand, terwijl het land snakt naar beslissingen waarmee we vooruit kunnen.’
Hoe komen we daaruit?
‘Ik heb weleens gedacht: laat een parlement nou eens vier jaar zitten, ook als ergens heibel over ontstaat. In gemeenteland heb ik de afgelopen jaren gezien hoe goed dat werkt. Ook daar kan het voorkomen dat een coalitie ergens over struikelt, maar de gemeenteraad verandert niet, want er zijn geen tussentijdse verkiezingen mogelijk. Wat gebeurt er vervolgens? Uit hetzelfde groepje moet een nieuwe coalitie ontstaan, en dat idee alleen al maakt dat mensen op een positievere en dus doeltreffendere manier met elkaar samenwerken. Zonder gejojo van campagne naar campagne, via crisis op crisis.’
‘Wat ik tegen het Haagse heb, is het hijgerige, en de afstand tussen het werk en de mens is mij te groot’
Moet jij niet de landspolitiek in?
‘Ik heb er weleens over nagedacht maar ik geloof niet dat het iets voor mij is op het moment. Ik heb ooit een tijdje als medewerker van GroenLinks meegelopen in Den Haag en dat was geen groot succes. Wat ik tegen het Haagse heb, is het hijgerige, gericht op aandacht zonder te focussen op de echte problemen. En de afstand tussen het werk dat je daar doet en de mens is mij te groot. Kijk, ik heb mijn werk in Amsterdam met hart en ziel gedaan, ongetwijfeld ook omdat ik me geen politicus voelde, maar iemand die op overheidsniveau bezig was met getting stuff done. Verder heb ik ook gewoon zin in iets nieuws.’
https://www.vn.nl/product/vrij-nederland-augustus-2026/Tata Steel!
‘Haha, god, stel je voor. Ik ben drie maanden vrijgesteld van sollicitatieplicht. Dat is fijn. Tijd om mezelf even te resetten. Daarna wil ik snel weer aan het werk, want ik kan helemaal niet lang stilzitten. Iets maatschappelijks, zeker. Nog geen idee wat of waar, maar dat komt. Er zijn een heleboel vraagstukken waar ik dolgraag mijn tanden in wil zetten. Bijvoorbeeld: hoe moeten we verder met Oekraïners in Nederland? Hoe gaan we het probleem van dakloosheid onder voormalige arbeidsmigranten in Amsterdam oplossen? Die mensen zijn op andere plekken in Nederland uitgebuit, vervolgens uitgekotst en dan belanden ze hier in de stad. Dat gaat zo niet langer. We hebben een landelijke aanpak nodig. Nou ja, genoeg problemen om me op te storten.’
Oxfam Novib-directeur Michiel Servaes, die graag voorzitter wil worden van PRO, zei laatst in de Volkskrant dat hij weigert te geloven dat Nederland gewoon een heel rechts land is. Ben je het met hem eens?
‘Goh, wil hij PRO leiden? Dat zou ik wel een goeie vinden. Wist ik niet eens. Ik ga hem even bellen.’
Jij zit echt al in de vakantie-vibe.
‘Resetten ja, zei ik toch. Maar goed, ik ben het met hem eens. Nederland is best een rechts land maar er zijn ook ontzettend veel mensen die over een heleboel dingen anders denken dan wat mainstream lijkt aan de talkshowtafel van Johan Derksen. Er is bijvoorbeeld veel draagvlak voor de opvang van vluchtelingen, mits het maar goed geregeld is. Ik geloof ook helemaal niet dat we als land verloren zijn of zo. Sowieso is optimisme een opdracht.’
Jij hebt geschiedenis gestudeerd. In hoeverre beïnvloedt dat jouw visie op het heden en de toekomst? En je vermogen om optimistisch te blijven?
‘Dat heeft een enorme invloed op mijn eigen stellingname. Geschiedenis gaat vaak over machtsverhoudingen en machts-asymmetrie: welke groep is dominant; wie is het kind van de rekening en waar leidt dat toe; hoe kon het ergens zo ontzettend misgaan terwijl op een ander moment fantastische dingen zijn bereikt?’
‘In mijn afscheidsspeech zei ik dat het geromantiseerde gedoe over “geboren Amsterdammers” volstrekte flauwekul is. Er bestaat niet zoiets als een inheemse Amsterdammer, of eeninheemse Nederlander. Iedereen hier is in zekere zin een migrant. Kijk naar wie er meevoeren op de VOC-schepen. De kapiteins waren misschien in Holland geboren, maar verder werden die schepen bemand door Noren, Denen, Duitsers, noem maar op – mensen die echt niet teruggingen naar hun land van herkomst als ze na twee jaar reizen levend en wel in Nederland aankwamen.’
Welke boodschap wilde je daarmee overbrengen?
‘Dat de geschiedenis zich niet laat stilzetten. Alles is een continuüm. Dat geeft inzichten. En misschien enige berusting. Waar je in jeugdige onbezonnenheid nog weleens denkt dat
je dingen héél snel héél makkelijk kunt veranderen, kom je er gaandeweg achter dat dat niet zo is. Mijn fascinatie voor het verleden van Nederland en de wereld heeft me geleerd dat positieve veranderingen een langetermijnperspectief vereisen, en dat we het hoe dan ook samen moeten rooien. Als we maar boos op elkaar blijven, komen we nergens. Dat is een doodlopende weg.’
Els Quaegebeur (1975) is schrijver en journalist, en maakt voor Vrij Nederland onder meer grote interviews. Haar laatste boek Game Over. Alles over Doodgaan, dat ze met longarts Sander de Hosson schreef, verscheen in april 2026.







Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.