Het lijkt wel alsof het kabinet-Jetten ‘iets met AI wil doen’, zoals een kneuterig midden- of kleinbedrijf dat ook wil. Althans, zo lezen de AI-passages in het regeerakkoord. D66, het CDA en de VVD willen onder meer dat er een ‘AI-fabriek in Noord-Nederland’ verrijst, dat ‘barrières’ die de aanleg van ‘digitale (AI-)infrastructuur belemmeren’ worden beslecht en dat ‘AI-adoptie en -geletterdheid’ van Nederlanders wordt versterkt. Veel concreter of prikkelender wordt het niet.
Op zich is het niet gek dat het nieuwe landsbestuur ‘iets’ met kunstmatige intelligentie wil doen. Afgelopen januari is de Doomsday Clock, een klok die aangeeft hoe nabij het einde van de wereld is, verzet van 89 naar 85 seconden voor middernacht. Eén van de gevaren volgens de wetenschappers achter de klok: de ontwikkeling en inzet van generatieve AI. Dat is een vorm van kunstmatige intelligentie waarmee eenvoudig content kan worden gefabriceerd. Denk aan chatbot ChatGPT, beeldgenerator Midjourney of videogenerator Sora.
Die technologie is voornamelijk in handen van techbedrijven als xAI Meta en OpenAI. Zij lijken zich weinig aan te trekken van (inter)nationale wetgeving en bevinden zich in het autoritaire Trump-krachtenveld – en wilden we daar niet uit ontsnappen? Nu functioneren Europese landen volgens Marleen Stikker (internetpionier en directeur van Waag Futurelab) de facto als ‘vazalstaten’, ‘gekoloniseerd’ door Amerikaanse big tech.
Zo bezien is het misschien zelfs wenselijk dat het kabinet-Jetten een AI-strategie ontwikkelt en daar geld voor uittrekt. Maar hoeveel precies? Dat valt niet op te maken uit de budgettaire bijlage bij het regeerakkoord. De woorden ‘AI’ en ‘kunstmatige intelligentie’ komen daar niet eens in voor. Wel wordt er 500 miljoen gereserveerd voor de oprichting van een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie, dat technologische doorbraken moet financieren.
De plannen voor dat Agentschap, net als die voor de nieuwe AI-fabriek, een betere AI-infrastructuur en het opkrikken van AI-geletterdheid, hebben de drie partijen waarschijnlijk niet zelf bedacht. Ze komen uit het AI Deltaplan. Dat werd in de nadagen van het kabinet-Schoof opgesteld door een stel techneuten en techondernemers op verzoek van het ministerie van Economische Zaken.
Koste wat kost
‘Wat ik goed vind aan dat Deltaplan’, zegt Reijer Passchier (hoogleraar Digitalisering en Democratische Rechtsstaat aan de Open Universiteit), ‘is dat het inzet op digitale autonomie.’ Het plan heeft als doel om eigen AI-systemen te bouwen en onafhankelijk te worden van Amerikaanse (en Chinese) techbedrijven.
‘Het kabinet zet technologie centraal. Niet de mens. Het is een blind geloof in AI’
Toch zit er volgens Passchier een fundamenteel probleem in het Deltaplan, dat minimaal gedeeltelijk tot kabinetsbeleid wordt gepromoveerd. ‘Eigenlijk wil het dezelfde koers varen als Silicon Valley’, zegt hij. ‘Dat betekent technologie centraal zetten. En niet de mens. Dus koste wat kost technologie ontwikkelen, zonder aan te geven wat we er nu precies mee kunnen of moeten, of hoe het leven van gewone mensen – waar het in een democratische rechtsstaat om draait – erdoor verbetert. Het is een blind geloof in AI.’
En Passchier is niet als enige kritisch. Marleen Stikker beschrijft het Deltaplan als ‘Silicon Valleytje spelen’. Ook Ilyaz Nasrullah (publicist en digitaal strateeg) is er niet van onder de indruk. ‘Er staat ook in dat ze nieuwe datacentra op de vluchtstrook willen aansluiten, een soort noodvoorziening van het Nederlands energienet’, zegt Nasrullah. ‘Dat lijkt me niet wenselijk. Maar als je claimt dat de toekomst ergens van afhangt, dan is alles geoorloofd.’
Siri Beerends (onderzoeker bij SETUP en de Universiteit Twente) vindt het beoogde kabinetsbeleid conform AI ‘niet goed’. Nederlandse politici zijn de afgelopen maanden met talloze ‘AI-adviesplannen’ bestookt, zegt ze. Waaronder het AI Deltaplan. Al die plannen komen de techbedrijven ten goede en ze prediken snelle AI-adoptie, terwijl AI-implementatie wat haar betreft nooit een doel op zich moet zijn. Beerends: ‘Stel je eerst de vraag welk probleem je wil oplossen en kijk daarna of AI daar het geschikte middel voor is.’
Generatieve AI
Het is vooral generatieve AI waar Beerends kritisch op is. Eerst wil ze een misvatting ontkrachten: generatieve AI ontwikkelt zich niet razendsnel, zoals weleens wordt geschreven. ‘In werkelijkheid bestaat de technologie erachter al bijna tien jaar’, zegt ze. ‘Wat wel snel gaat, is de implementatie ervan in alle domeinen van de samenleving. Het verschil met vroeger is dat er nu meer data in worden gestopt, omdat AI-bedrijven onze teksten, beelden en socialemediacontent stelen om hun eigen AI-modellen mee te trainen.’
Verder heeft generatieve AI ‘weinig met intelligentie te maken’, zegt Beerends. ‘Ze imiteren menselijke taal, maar hebben geen daadwerkelijk begrip. Het is patroonherkenning en rekenkracht.’ Nasrullah noemt ze om die reden ‘contentgeneratoren’. ‘Ze spugen van alles uit, van video’s tot podcasts. Dat is content. En daar zijn ze heel goed in, zolang de content niet feitelijk hoeft te zijn.’
Want deze systemen lijden aan ‘hallucinaties’, waarbij ze regelmatig een onjuist antwoord als feit presenteren, zegt Felienne Hermans (hoogleraar Computer Science Education aan de Vrije Universiteit van Amsterdam). ‘Het zijn taalmodellen, ongeveer-apparaten. De complexiteit van de wereld laat zich niet goed in een paar regels vatten. Maar je kan de wereld wel óngeveer in een paar regels vatten, dat doet generatieve AI. Dat heeft als inherent probleem dat de technologie een stochastische papegaai blijft.’
Bovendien is veel data die in chatbots zit van dubieuze komaf. Enerzijds omdat ze grotendeels op – gestolen – journalistiek materiaal draaien. Anderzijds omdat de AI-modellen met onbetrouwbare bronnen worden gevoed. De Groene Amsterdammer ontdekte in 2023 dat ChatGPT onder meer de neonazistische website Stormfront als bron gebruikte.
Generatieve AI is dus niet slimmer dan de mens, zegt Beerends. ‘Maar ze past goed binnen het kapitalistische model.’ Dat predikt efficiëntie en massaproductie. En wat is er nu efficiënter dan de machine opdragen om iets te doen – een vraag beantwoorden, coderen, een tekst vertalen – waarna het dit direct dóet? Werkgevers hopen dat werknemers sneller gaan werken dankzij AI, of dat ze (ooit) te vervangen zijn door een machine. Zo’n kostenbesparing is natuurlijk prettig als het streven winstmaximalisatie is.
Dat is ook hoe de kabinetsplannen inzake AI overkomen op Hermans: als een economische aangelegenheid, ‘als manier om relevant te blijven en geld te verdienen’. ‘De staatssecretaris van Digitale Zaken en Soevereiniteit (D66-politica Willemijn Aerdts, red.) valt onder het ministerie van Economische Zaken, dus dat is het perspectief van het kabinet op digitalisering’, zegt ze. Een ‘staatssecretaris voor AI binnen het ministerie van Economische Zaken’ is overigens een voorstel uit het AI Deltaplan.
‘Als je analyseert wat de technologie makkelijker maakt, dan zijn dat vooral dingen die we onwenselijk vinden’
Omdat het om geld en verdienvermogen gaat, bestaat de angst om de AI-boot te missen. Hermans: ‘Maar welke boot is dat? Waar gaat die naartoe? Gaat die niet zinken?’ De ontwikkeling van ‘de beste AI’ wordt daarnaast geframed als een ‘race tussen drie continenten’, zegt Passchier. Namelijk Amerika, Europa en Azië (lees: China). In dat geweld wil het kabinet-Jetten zich klaarblijkelijk mengen. ‘Terwijl het de vraag is of we wel aan deze race willen meedoen, omdat die mogelijk eindigt in een dystopisch moeras.’
Op die fundamentele vraag – is dit wel verstandig? – geeft het regeerakkoord geen duidelijk antwoord. Terwijl het te onderbouwen is dat generatieve AI een paard van Troje is, waar meer nadelen dan voordelen aan vastzitten.
Volgens Nasrullah is het de bedoeling dat nieuwe technologie het menselijk bestaan makkelijker maakt. ‘Maar wat maakt deze technologie makkelijker? Het veroorzaakt dat scholieren geen boeken meer hoeven lezen, dat doet een chatbot voor ze. Ook genereert het met gemak deepfakes en creëert het feitelijk onjuiste content. Dat lijkt me onwenselijk.’
Dommer
We worden dommer door AI-modellen, zegt Beerends. ‘Ze worden overal voor ingezet en dat leidt tot een afname van onze vaardigheden. Door het schrijven van teksten uit te besteden aan ChatGPT verliezen we niet alleen die specifieke vaardigheid, maar ook aanverwante vaardigheden zodat het formuleren van gedachten. Het is de belofte van generatieve AI om snel en efficiënt veel te produceren, maar daarmee haal je andere waarden weg. Het proces ergens naartoe is ook waardevol: de relaties die je opdoet door wat te maken, door zelf of samen wat uit te zoeken, iets te produceren.’
Het uiteindelijke gevolg daarvan is ‘cognitive decline’, zegt Beerends. ‘Onze cognitieve flexibiliteit, ons kritisch denkvermogen, neemt af naarmate we meer op generatieve AI leunen.’ Hermans: ‘AI neemt frictie weg, maar frictie is goed voor leren. Leren is een residu van denken. Als je niet hebt gedacht, heb je ook niet geleerd.’
Een datacentrum verbruikt net zoveel elektriciteit als honderdduizend en soms zelfs twee miljoen huishoudens
Ook is AI belastend voor het klimaat, zegt Bernard van Gastel (universitair docent Duurzame Digitalisering aan de Radboud Universiteit). Uit onderzoek van de International Energy Agency (IEA) blijkt dat een datacentrum net zoveel elektriciteit verbruikt als honderdduizend huishoudens, met zelfs uitschieters tot twee miljoen huishoudens. Ook verwacht de IEA dat datacentra in 2030 zo’n 945 TWh (terrawattuur) zullen verbruiken – dat is volgens Van Gastel zeven keer het jaarlijkse energieverbruik van Nederland.
Foutmarge
Van Gastel benadrukt dat zulke voorspellingen met een flinke foutmarge komen, maar ziet wel dat er sprake is van een trend. Van al het Nederlandse energieverbruik gaat 55 procent naar warmte, 25 procent naar transport en 20 procent naar elektra, zegt Van Gastel. ‘8 procent van onze elektra (fysieke hardware, red.) zit inmiddels in datatransmissienetwerken en datacentra.’ Dit aandeel stijgt jaarlijks met een procentpunt, en deze stijging versnelt. Van Gastel: ‘De logische verklaring is dat dit door AI komt.’
https://www.vn.nl/product/vrij-nederland-april-2026/Slecht voor het klimaat, we worden er dommer van; er is een lánge lijst van nadelen van generatieve AI te bedenken. Zo worden advocaten en rechtbanken overspoeld met niet-kloppende AI-gegenereerde juridische teksten. Beeldgeneratoren – waaronder X-chatbot Grok – maken het heel eenvoudig om naaktbeelden van personen te fabriceren. Politici als Trump en Wilders gebruiken generatieve AI om (onjuiste) dystopische narratieven te creëren en op social media rond te sturen, wat de democratie ondermijnt.
Toch kan generatieve AI, ondanks alles, ook op een positieve manier worden ingezet. Claes de Vreese, hoogleraar Kunstmatige Intelligentie en Samenleving aan de Universiteit van Amsterdam, weet wel een paar voorbeelden. ‘Er is een AI-applicatie voor lokale journalistiek, waarin agenda’s, bijlagen en rapporten zitten. Die zegt dan tegen journalisten: hé, hier gebeurt nu dit en partijen vinden dat. In de lokale journalistiek zit weinig geld, zoiets kan enorm nuttig zijn bij nieuwsgaring.’
In Nederland wordt rondom de verkiezingen telkens gediscussieerd over het waardeloze stemadvies dat chatbots geven, zegt De Vreese. ‘In Zweden is er een stemhulp ontwikkeld met AI, dat is ook een chatbot.’ Het is een klein model, puur gebaseerd op partijprogramma’s en standpunten van de partijen. ‘Er zit geen troep in en je kan ermee chatten over politiek en advies krijgen. Dat is potentieel positief.’
Dus resteert de vraag: wat nu? Wat moet het kabinet-Jetten doen met AI? Daarover verschillen de meningen, maar er is ook consensus te ontwaren. Dogmatisch inzetten op AI is dom, maar, Nederland moet wél onafhankelijk worden van Amerikaanse techbedrijven. En als het toch AI wil gebruiken, dan zal het in eigen systemen moeten investeren – al dan niet in EU-verband. Maar dit moet wel technologie zijn waarbij de mens centraal staat, zegt Passchier. ‘Het moet een technologie zijn die past in een democratische rechtsstaat, rekening houdt met het klimaat en waarvan de welvaart iedereen ten goede komt.’
Investeer dus niet in één (of een handvol) Europese techbedrijven, maar in de samenleving. Passchier: ‘Eis dat de techbedrijven waarmee je werkt bijvoorbeeld zijn gebaseerd op steward ownership, dus dat de aandelen in handen zijn van partijen die maatschappelijke doelen hebben. En niet in de handen van beleggers die winst en rendement willen.’ Beerends en Hermans (en honderden andere AI-experts) ondertekenden eind 2025 een open brief aan de vaderlandse politiek. Die riep op tot een AI-aanpak die ‘uitgaat van mens, natuur en democratie’.
‘Regulering van AI wordt vaak gezien als obstakel voor innovatie, dat hoeft niet zo te zijn’
Wees als kabinet (of EU) ook niet bang om AI streng te reguleren, zegt De Vreese. ‘Regulering wordt vaak gezien als obstakel voor innovatie. Ten eerste, dat hoeft niet zo te zijn. Ten tweede, uit onderzoek dat ik samen met collega’s deed in verschillende landen blijkt dat consumenten een hele brede behoefte hebben aan de regulering van AI. Burgers vinden het gek dat een technologie die potentieel zo invasief is, zich aan zo weinig spelregels hoeft te houden.’
Volgens Marleen Stikker moet kunstmatige intelligentie een soort ‘nutsinfrastructuur’ worden. ‘Net zoals snelwegen: er staan benzinepompen naast en er mogen auto’s overheen. Maar de kritieke infrastructuur heb je goed belegd.’
Daaronder vallen ook datacentra, en die kan je volgens Van Gastel beter niet in Nederland bouwen, zoals het kabinet-Jetten wil. Het opwekken van stroom stoot hier namelijk relatief veel CO2 uit, zegt hij. ‘Vanuit een milieuoogpunt moet je juist datacentra bouwen in Frankrijk, Noorwegen of IJsland.’ Die landen hebben veel waterkracht en nucleaire en geothermische energiebronnen, zegt hij. Daardoor zorgt het opwekken van energie voor minder CO2-uitstoot.
GPT-NL
Stikker wijst naar een Nederlands initiatief: GPT-NL. ‘Daar is heel bescheiden geld in gestopt [13,5 miljoen euro, red.], maar omdat het met heel hoogwaardige data wordt getraind is de kwaliteit goed.’ Dat AI-model wordt volgens Stikker ontwikkeld met privacy, Europese AI-wetgeving en auteursrecht in het achterhoofd. De ontwikkelaars betalen hun ‘contentleveranciers’ – zoals mediabedrijven – netjes. Stikker: ‘Dat model is niet gebaseerd op extractie, het is een regeneratief systeem dat teruggeeft aan degenen die data verschaffen. Dat ontbreekt bij die andere generatieve applicaties, daar wordt geen journalist, fotograaf of kunstenaar voor betaald.’
Zo’n GPT-NL kan volgens Stikker volgens Nederlandse of Europese waarden worden ontwikkeld. ‘Dan keert het perspectief. In plaats van dat we zeggen: generatieve AI is gevaarlijk, we moeten het niet, kunnen we zeggen: we zijn in staat om AI te ontwikkelen die wel aan onze waarden voldoet.’
Ze wil maar zeggen: het kán wel. Maar dan moet het kabinet-Jetten niet per se Silicon Valleytje willen spelen.
Casper van de Poel (1996) is freelance journalist voor Vrij Nederland



Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.